Bandenslijtage – hoe herken je het?

  • Auteur: OPONEO.NL

Gebruik van overmatig versleten banden is gevaarlijk. Daarom moet je de staat van de banden regelmatig controleren. In onze gids kom je onder andere te weten waar je op moet letten bij dagelijks gebruik en hoe je het loopvlak van de band meet.

Versleten en met name gebarsten banden zijn niet meer geschikt voor gebruik.

Versleten en met name gebarsten banden zijn niet meer geschikt voor gebruik.

Wanneer is een band versleten?

 

Wat voor soort slijtage maakt verder gebruik van een band onmogelijk?

  • een afgesleten band met een loopvlak van minder dan 1,6 mm

  • losgeraakte onderdelen, waaronder het loopvlak zelf

  • vervorming of het zichtbaar worden van de hieldraden (het onderdeel waarop het rubber rond de velg gemonteerd zit)

  • vlekken of brandplekken op de buytllaag aan de binnenkant (zogenaamde “marmering”)

  • bolling, vervorming aan de zijkant in verband met het barsten van koorden

  • scheuren en schade van het rubber (zelfs alleen aan het oppervlak)

Als je een van de bovenstaande soorten slijtage ontwaart, dien je een autoservice te raadplegen. Zowel bij zomer- als winterbanden moet het loopvlak regelmatig worden gecontroleerd. Onthoud dat banden ook van binnen kunnen slijten. Daarom moet je je banden ten minste één keer per seizoen later controleren.

 

Wat zijn de soorten slijtage en hoe herken je ze?

We onderscheiden de volgende soorten bandenslijtage:

  • normale slijtage – treedt op wanneer het rubber gelijkmatig slijt over de hele breedte en omtrek.

  • asymmetrische slijtage – onregelmatige slijtage, die optreedt wanneer de ene kant sneller slijt dan de andere kant of wanneer er

  • zichtbare sneden in de band zijn ontstaan. Dit kan te maken hebben met onjuiste balancering van de banden.

  • ronde slijtage (schouders) – het loopvlak is hoger in het midden dan bij de schouders

  • middenslijtage (hol) – treedt op wanneer de druk in de banden te groot is. Het contactoppervlak is beperkt tot het midden van het loopvlak, waardoor deze zone sneller slijt. Dit kan het gevolg zijn van plotseling remmen met blokkerende wielen bij auto’s die geen ABS hebben, of problemen met de kwaliteit van de betreffende banden.

  • plaatselijke slijtage,

  • gekartelde band.

 

 

Gekartelde banden – verschijnselen

Een veel voorkomende vorm van slijtage is een gekartelde band. Dit verschijnsel treedt op wanneer de loopvlakblokken ongelijkmatig slijten en zo een kartelvorm krijgen. Deze zijn zichtbaar en voelbaar met de hand. Deze slijtagevorm is eigenlijk onvermijdelijk maar de mate hangt af van vele factoren:

  • het afstemmen van het bandenmodel op de auto en het type ophanging

  • verkeerde druk en belasting van het voertuig

  • slecht afgestemde snelheids- en belastingindices.

  • staat van de ophangingsonderdelen.

Sterk gekartelde banden kunnen moeilijk in gebruik zijn vanwege het lawaai en de vibraties die ze produceren. Om de schaal van het probleem te verkleinen is het een goed idee om iedere 10000 km de banden te draaien, de juiste druk en belasting te handhaven en daarnaast goed te zorgen voor de ophanging.

 

Diepte van het loopvlak en tractie-eigenschappen van de band

Banden met minimale toegestane diepte zijn absoluut minder goed dan exemplaren met een gaaf loopvlak, vooral met betrekking tot aquaplaning en stuurbaarheid op nat wegdek.

De toegestane diepte van het loopvlak, die 1,6 mm bedraagt, levert op nat wegdek slechts 40% van de grip van een nieuwe band. Daarom is de aanbevolen dikte van het loopvlak van een zomerband anders dan bij een winterband.

 

Minimale hoogte van het loopvlak van zomer- en winterbanden

Om de veiligheid te waarborgen moet het loopvlak regelmatig worden gecontroleerd. Op zes plekken op de band tref je indicatoren aan, zogenaamde TWI’s (treadwear indicators). Deze duiden de toegestane slijtage van het loopvlak van 1,6 mm aan. Wanneer de hoogte van de blokken is gezakt tot het niveau van de indicator, is het tijd om de banden te vervangen.

Hoe meet je het loopvlak? Een exacte meting van de TWI van een band kan worden verricht met een speciaal meetvoorwerp maar ook met behulp van een muntje of lucifer.

 

Slijtage-indicator van een band - standaarden van het merk Continental

Continental gebruikt voor al zijn producten markering van de diepte van het loopvlak. Iedere band is voorzien van TWI’s dit de minimale toegestane diepte van het loopvlak aanduiden.

Onthoud echter dat deze waarde in de jaren ‘90 bepaald is. Alle Continentals zijn voorzien van een aanvullende slijtage-indicator. Zomerbanden hebben een indicator op 3 mm diepte en winterbanden op 4 mm.  Dit heeft te maken met het feit dat minder diepte van het loopvlak leidt tot slechtere waterafvoer.

Onze tests hebben uitgewezen dat 3 mm voor een zomerband het minimum is waarop de band nog veiligheid garandeert tijdens remmen op nat wegdek. Onder deze waarde nemen de prestaties van de band in rap tempo af en wordt de remweg veel langer. Voor winterbanden zit de indicatie op 4 mm omdat deze banden veel zwaardere omstandigheden het hoofd moeten bieden, zoals sneeuw en modder.

 

Paweł Skrobisz
Hoofd Technische Afdeling

 

De slijtage-indicator van een band geeft de toegestane slijtage van het loopvlak van 1,6 mm aan.

De slijtage-indicator van een band geeft de toegestane slijtage van het loopvlak van 1,6 mm aan.

Versleten banden en ongevallen

De invloed van de bandenslijtage op de veiligheid is tweeledig.

  • Als eerste heeft het invloed op het gedrag en de waarden van de band. Een afgevlakt loopvlak maakt het lastiger om de auto onder controle te houden, vooral op nat wegdek, en brengt een groter risico op aquaplaning met zich mee.

  • Daarnaast is er meer kans op ongelukken. Deze ontstaan meestal door slijtagevormen als een losgeraakt loopvlak of een band die losraakt van de velg.

We hebben er op onze website al vele malen op gewezen wanneer je banden moet wisselen en wat het risico is wanneer je dit nalaat. ADAC heeft berekend dat 7 tot 8% van de technische interventies op de weg te maken hebben met pech door beschadigde banden. Onderzoek van de organisatie DEKRA heeft uitgewezen dat 37% van de ongevallen in Duitsland het gevolg zijn van technische defecten van het voertuig door bandenproblemen.

Om vervelende verrassingen op de weg te voorkomen is het aan te raden om ten minste een keer per week of in ieder geval voorafgaand aan een lange reis goed de staat van de banden na te gaan door het loopvlak en de druk te meten.

Een versleten band kan onderweg barsten.

Een versleten band kan onderweg barsten.

Hoe zorg je goed voor je banden?

Slijtage van zomer-, winter- of vierseizoenenbanden hangen in grote mate af van de bestuurder. Hoe lang je op de banden kunt blijven rijden en of vervanging nodig is door slijtage of schade, hangt af van de volgende factoren:

  • juiste druk,

  • naleving van de maximale belasting,

  • gebruiksomstandigheden (stad, lange afstand, bergen, bochtige wegen),

  • rijstijl, plots remmen, snel optrekken,

  • goede seizoensvoorbereiding (goede omstandigheden, positie),

  • omzeilen van gaten in de weg en obstakels als stoepranden,

  • controle van de technische staat van het voertuig (geometrie, balancering, ophanging).

 

Wanneer moet je een band terugsturen?

Buitengewone slijtage kan soms ook het gevolg zijn van een productiefout. Als we weten dat we de band op een goede manier hebben gebruikt (onder naleving van de juiste druk en belasting) en de staat van het voertuig niets te wensen overlaat maar het rubber toch snel slijt, kan het een kwaliteitsprobleem zijn. Mogelijke gevolgen zijn snelle slijtage en plaatselijke defecten.

 

Systematische controle van de staat van de banden voorkomt onaangename verrassingen onderweg (fot. Audi).

Systematische controle van de staat van de banden voorkomt onaangename verrassingen onderweg (fot. Audi).

Wanneer is het tijd voor een bandenwissel?

Die vraag kan niet zomaar worden beantwoord. De noodzaak tot het wisselen van de banden hangt af van verschillende factoren als leeftijd, technische staat maar ook de individuele voorkeuren van de automobilist. Regelmatige controle van het loopvlak is uiteraard van groot belang.

De duurzaamheid van zomer-, winter- en vierseizoenenbanden is verschillend. Winterbanden worden vervaardigd uit een ander compound, dat sneller slijt. Naar schatting kun je op winterbanden 15-30% minder kilometers afleggen. De levensduur wordt nog verder verkort wanneer je winterbanden gebruikt bij een temperatuur boven de 10°C. Voor vierseizoenenbanden gelden soortgelijke criteria.

De vuistregel voor bandengebruik is dat de banden maximaal 10 jaar oud mogen zijn. Je kunt wel blijven rijden op oudere banden maar dit is veel minder veilig.

Onthoud dat een goede technische staat van het voertuig niet alleen in het belang is van je eigen veiligheid maar ook die van je medepassagiers.

Wat vindt u over dit artikel?
Beoordeel ons

Bedankt
Voeg commentaar toe
(Let op: de inhoud van de geplaatste berichten wordt gemodereerd)

  1. SSL beveiligde betaling
  2. Snel en gratis bezorgd
  3. Alleen kwaliteitsmerken
  4. Al meer dan
    2.000.000 klanten
  5. Montagepartners